5 seconden ( Ötztaler Radmarathon )

Gepubliceerd op dinsdag 08 december 2015 door Rob Thierig.


Het heeft even geduurd voordat ik mijn complete ORM verhaal geschreven heb. Dit komt deels door 5 seconden in de afdaling van de Kuhtai. Ja 5 seconden. 5 seconden op 9 uur en 22 minuten die een grote indruk bij mij hebben achter gelaten. 5 seconden waar ik dagelijks aan terug denk, soms meerdere keren. 5 seconden waarbij een engeltje op mijn schouder heeft meegereden.





Als de wekker afloopt is het nog donker buiten. Ik heb verrassend goed geslapen, en dat is wel eens anders geweest voor een cyclo. Maarten is ook al wakker, en het proppen kan beginnen. Normaal hou ik wel van ontbijten maar op de ochtend van de cyclo is het allemaal niet zo smakelijk, er moet (te) veel naar binnen, want ik moet er heel wat uurtjes op rijden. Het weer ziet er goed uit, de voorspellingen lijken uit te komen, dus het zou een prachtige dag moeten worden. Maar nu is het nog erg koud buiten, een graadje of 5. De kleren gaan aan, de zakken zitten vol en dan gaan we naar de start. Het is inderdaad koud buiten, dat is goed te voelen als ik na 200m al de 70km/uur aan tik. We hoeven maar een paar kilometer naar de start, en we sluiten aan in de lange rij.

 

 

 

 

 

 

 

Nog een kwartier en dan zal het startschot klinken en kunnen we beginnen. Een lange tijd van voorbereiding voor deze dag. In Februari vrij plots besloten dat ik toch een keer de Otztaler Radmarathon gereden wou hebben, en aangezien je ingeloot moet worden, maar gelijk besloten om me voor de 2009 editie in te schrijven, zonder te realiseren dat het wel eens gelijk raak kon zijn. Binnen team Brabant was er weinig animo om mee te gaan. Alleen Arno en Maarten schrijven zich ook in, en Arno haakt voortijdig af omdat hij net vader is geworden (en zijn conditie te wensen over laat). Maar in Maarten heb ik een goed maatje voor deze dagen.

Wachtend op het startschot eet ik nog een banaantje en praat ik met een Nederlander die naast me staat. Ik heb nog getwijfeld om met mijn Zipp's 404 te starten hier, maar toch besloten het niet te doen, te hoge velden, maar de Nederlander naast mij staat gewoon met Zipp's 808 aan de start, en het is zijn zoveelste deelname al. Hij zal wel hard dalen met die wielen. Op exact kwart voor zeven weerklinkt het kanonschot en mogen we beginnen aan de tocht over 238km met 5500 hoogte meters. Ik wens Maarten succes als we 7 minuten later over de startstreep gaan.

De eerste 30km is afdalen en samen met meneer Zipp 808 beginnen we aan een inhaal race naar voren. Er wordt netjes gereden en links is er voldoende ruimte om in te halen. Echter na 6 km moet ik meneer Zipp 808 laten gaan, want de druk in mijn blaas wordt nu al te groot. Een minuutje later zit ik weer op de fiets en begint de 2e inhaal race. Ineens zie ik een CTWT tenue en even later ga ik onze voorzitter voorbij. Geen tijd voor een gesprek, maar ik wens Martin nog wel even succes in het voorbij gaan. Na 30km een scherpe bocht na recht en ik schakel na het kleine blad. De eerste klim, de Kuhtai, gaat beginnen.

Het minuutje dat ik door de pisstop verloren had op meneer Zipp 808 heb ik blijkbaar weer goed gemaakt, want samen beginnen we aan de beklimming. Echter ook nu duurt het samen rijden niet zo lang. De kou is blijkbaar op mijn blaas geslagen, want na 2km klimmen sta ik al weer stil. Meestal word ik zenuwachtig als dit in het begin al vaak voor komt, maar vandaag doet het me niets. Ik heb een goed gevoel, mede omdat de eerste 2 kilometers kimmen erg gemakkelijk gingen. Meneer Zipp 808 heb ik daarna niet meer gezien, maar later, bij het bestuderen van de uitslagen, begreep ik dat ik hem toch ergens voorbij ben gegaan.


Het klimmen tussen veel andere wielrenners kan betekenen dat je soms een beetje ingesloten raakt. Je kunt niet altijd je eigen tempo rijden omdat je even moet wachten voordat je iemand voorbij kunt. Deze klim is in % de zwaarste van de vier cols waar we vandaag overheen moeten. Er zitten een aantal hele steile stukken in. De renners om je heen geven echter ook de nodige afleiding. De klim slingert grotendeels door een bos en af en toe steken we een beekje over. De natuur is hier erg mooi met nog mist tussen de bomen.

Halverwege de klim is de weg opgebroken en moeten we een stukje door het zand lopen. En dat valt nog niet mee. Gelukkig is het maar een kort stukje, nog geen 100 meter. Ineens zijn we het bos uit, en zie ik de top al liggen. Na 1 uur en 17 minuten klimmen, ben ik boven. Het eerste opstakel van de dag heb ik goed overwonnen. En ik merk dat ik mijn hartslag hoger krijg dan anders tijdens een bergcyclo. Zal het dan toch schelen als je de week van te voren niet elke dag vele kilometers over Alpencols maakt? Blijkbaar wel, want dit keer begin ik goed uitgerust aan een bergcyclo.



Hoewel nog geen honger is het wel tijd al iets te eten. Met moeite werk ik een energie reep weg, direct na het passeren van de top. De volgende 30km is een afdaal walhalla waar de snelheden erg hoog kunnen zijn, en dan is eten op de fiets niet echt een optie. Na de smakelijke reep gaan de handen onderin de beugels en kan het feest?beginnen. Na een paar kilometer is het al oppassen geblazen, een paar loslopende koeien op de weg en een boer die ze naar de naastgelegen weilanden probeert te sturen. De koeien trekken zich niets van ons aan, en er wordt tijdig gewaarschuwd. Dit heeft wel zijn charmes, de weg is er niet alleen voor ons. De volgende kilometers is het smullen geblazen, heerlijk daal ik naar beneden, alles voelt goed, regelmatig rij ik tussen de 70 en de 80km, het gaat heerlijk, en dan moet het mooiste stuk nog komen.





Na 10km afdalen komt dat stuk, waar je echt hard kunt gaan. Ik kies de linker kant van de weg en laat de fiets lopen. In 40 seconden schiet ik van 53km/uur naar ruim 95. En dan gaat het bijna mis. Ik fiets over twee putdeksels heen en ineens heb ik onbalans in mijn voorwiel. Met alle kracht in mijn armen probeer ik het stuur recht te houden en af te remmen. In 5 seconden ben ik weer terug op de 50 en net voordat ik de berm in dreig te gaan kan ik de remmen weer loslaten en van de berm wegsturen. Dit waren mijn meest benauwde seconden op de fiets. Ik moet een beschermengeltje hebben en die was bij mij op dat moment bij het passeren van Gries im Sellrain. Veel tijd om er over na te denken gun ik mezelf niet, de weg gaat verder naar beneden en mijn aandacht is daarbij nodig. Wel rij ik iets langzamer. En na een paar kilometer krijg ik kramp in beide benen. Ik weet nog steeds niet of dit nu van het (te) snel beklimmen van de Kuhtai is, of van de angstige en verkrampte 5 seconden in Gries. Feit is dat de kramp niet echt weg wil gaan. Vooral in bochten schiet de kramp er regelmatig weer in, omdat ik dan de benen even stil moet houden. In een groepje van een man of 5 kom ik beneden. In de verte zie ik een grote groep rijden en op het redelijk vlakke stuk lukt het ons, door netjes kop over kop te rijden, om het gat te dichten.

Doordat hierbij de kramp een paar keer terug kwam nestel ik me in de groep en rij redelijk ontspannen naar boven. De kramp heeft verder geen uitwerking op mijn gemoedsrust, ik baal er alleen van. De Brenner is een gemakkelijke klim, zeker in de groep waarin ik rij. Achteraf denk ik dat het hier wel iets sneller had gemogen, maar op dat moment had ik behoefte aan een groep en zat ik niet te wachten op alleen verder rijden. Over de klim valt verder weinig te schrijven. De laatste kilometer is wat steiler en 4 uur en 5 minuten na de start ben ik boven op de tweede col van de dag, en over de helft van het aantal kilometers. Ik neem uitgebreid de tijd om wat te eten, te drinken en bidons te vullen. Ik bel even met Helene en wordt nog geinterviewd in het Duits. Helaas staat dat stukje niet op de DVD die alle deelnemers later kregen. Op zich wel begrijpelijk voor degenen die weten hoe goed mijn Duits is.

Dan duik ik met een paar man de afdaling in. De 17km naar de voet van de JaufenPass gaan in 23 minuten. Het is een afdaling waar hard mee gefietst moet worden om een beetje snelheid te krijgen, veel wind tegen en niet zo steil. Het valt nu niet mee om een leuk groepje te vormen die een beetje kop over kop wil rijden. De laatste 2km voor de Jaufen rij ik wat rustiger en eet ik nog iets, er staat weer een flinke inspanning voor de boeg. .

De Jaufen is een mooie en gelijkmatige klim. Ik zit al snel in een goed ritme en geniet van de prachtige uitzichten. Ik voel dat het goed gaat en merk dat ik vooral andere renners in haal en nauwelijks voorbij gereden wordt. Een enkele keer komt de kramp even terug, en het zou nog niet voor het laatst zijn. Ik was na vrijdag al onder de indruk van de schoonheid van de natuur hier, en dat wordt alleen maar meer. Na een uur en kwartier klimmen ben ik boven. De laatste klimeter ging wat zwaarder en zakte het tempo ook een beetje. De bevoorrading is niet op de top, maar gelukkig staat er een bord dat het na 500m afdalen is. Daar aangekomen neem ik weer ruim de tijd om te eten, te drinken en bidons te vullen. Ook gaan de knie stuken uit, de armstukken had ik al uitgedaan, en gaan niet aan voor de komende afdaling. Hier op 2000m hoogte is het lekker warm in de zon. Ik werp een blik op mijn fietscomputer en zie dat ik ruim voor lig op mijn schema dat naar een tijd onder de 10 uur zou moeten leiden, die tijd ga ik wel halen, ik mag wat verliezen op de Timmelsjoch. De afdaling van de Jaufen is een genot, een hele mooie technische afdaling. Hier geen lange rechte stukken waar je ruim boven de 70 of sneller kunt, maar veel bochten die allemaal mooi lopen. En aangezien de weg vrij is voor ons wielrenners is het echt genieten. De vele bomen maken het een beetje lastig omdat er veel schaduw en licht is waardoor oneffenheden in het asfalt wat moeilijker te zien zijn.

Met een gemiddelde van 50km/uur kom ik beneden in San Leonardo, waar de plaatselijke Carabinieri een beetje verveeld het verkeer dat er niet is regelt. Maar hij staat er, net zoals vele collega's van hem en mede daardoor is de weg autovrij. Veel tijd om na te denken is er niet want als ik het plaatsje door ben begint gelijk de laatste beklimming. En die boezemt mij wel angst in. 28km klimmen naar 2500 meter hoogte. En het is warm, ruim boven de 30 graden.

En hoe snel kan het gevoel omslaan. Voelde ik me tot op de top van de Jaufen een geweldig klimmer, nu is dat gevoel binnen EEN kilometer omgeslagen. De ruim 170km en meer dan 3000 hoogte meters voel ik nu wel. Gelukkig is het een onregelmatige klim en zitten er ook wat gemakkelijker stukken in waar ik even kan bijkomen, herstellen wil ik het niet meer noemen.

Maar ook de Timmelsjoch is een prachtige klim, me geweldige uitzichten over een mooi groen dal met her en der een paar kleine plaatsjes met mooie kerktorentjes. Om me heen minder wielrenners als in de vorige klimmen. Logisch natuurlijk, hoe verder in de wedstrijd hoe verder het veld uiteen geslagen is. Ik heb ook minder behoefte om met anderen te kletsen. Meestal is dat voor mij een goede afleiding in een klim, maar hier zijn er erg weinig die mij begrijpen als ik wat klets. En ik begrijp hun ook niet echt. Duits is niet mijn sterkste taal.


Na ongeveer 15km klimmen is er een grote bevoorrading en ik stop daar. Drink wat energie drank, en denk even dat dat ook direct energie gaat opleveren, en ik kijk even bij de massage tafels waar je je kunt laten masseren. Gister hebben Maarten en ik onze benen nog laten masseren in de sporthal maar nu moet ik daar niet aan denken, daar staan de spieren veel te gespannen voor. Ik denk niet dat ik daar beter van wordt. Ik zie ook prachtige grimassen op de gezichten van zij die onderhanden genomen worden. Dat geeft me dan wel een goed gevoel, ze zijn hier voor mij aangekomen maar zien er brakker uit dan ik me voel. Dus hup de fiets weer op. Nog even blijft het redelijk vlak en dan gaat de klim weer verder. Nog een dikke 600 hoogtemeters naar de top. En ik kom er al gauw achter dat de energie drank niet voor meer energie gezorgd heeft, althans ik voel het niet. De stop heeft me geen goed gedaan, het tempo zakt nu flink terug en ik rij alleen nog maar op het lichtste verzet (34*28). Ik kijk regelmatig op mijn fietscomputer, vooral naar het actuele stijgingspercentage en het valt me op dat als het wat minder stijl is dat dat helemaal niets meer uit maakt in de snelheid waarmee ik fiets. Ik rij nu gewoon op een soort van automatische piloot, de benen malen met een laag maar zekere cadans rond ongeacht hoe stijl het is. Dit tweede stuk van de Timmelsjoch heb ik niet als leuk ervaren.


5km na de bevoorrading kom ik al weer langs de volgende, en laatste, bevoorrading. Hier is alleen wat te drinken te halen. Ik maak gretig gebruik van deze mogelijkheid om even (geoorloofd) te stoppen. Nog 8km te gaan. Ik merk ook dat daar waar ik op de Jaufen toch vooral andere renners inhaalde in nu nagenoeg niemand meer voorbij fiets. De kramp komt nu ook regelmatig weer terug, en op de fiets wring ik me in allerlei bochten om de kramp al fietsend uit de benen te krijgen. Ik tel de kilometers af, geen dagvulling want het duurt lang voordat het volgende bordje komt. Het heeft niets meer met wielrennen te maken, ik voel me redelijk verloren, en ik kijk regelmatig naar boven, waar zou de top toch zijn. En dan, met nog een paar kilometer te gaan tot de top, zie ik de tunnel. Ook al is het nog niet de echte top, het klimmen zit er zo ongeveer op. Ik lach naar de fotograaf die hier staat. Wat kan een mens zich toch snel weer beter voelen. Ik stop om mijn armstukken aan te trekken, en fiets de tunnel in. Aan de andere kant ligt Oostenrijk.


Ik weet dat na 4km dalen er nog een stukje geklommen moet worden, maar daar maak ik me even niet druk om. Het eerste stuk afdalen is prachtig, hier kan echt hard gereden worden. Maar bij 80km/uur vind ik het welletjes en rem ik lichtjes bij, harder hoeft vandaag niet meer. Dan moet er nog twee kilometer geklommen worden, en die voel ik goed in de benen, de kramp slaat er nu goed in, en gaat pas weg als ik weer aan het afdalen ben. Pfffff nu een mooie lange afdaling van 20km naar de finish. En ik weet dat de tijd goed zal zijn, sneller dan ik had verwacht. De benen hebben nu toch weer wat energie gevonden, en voor mijn gevoel vlieg ik naar Solden.


Wat is het toch leuk als een cyclo eindigt met een afdaling. In Solden staat het zwart van de mensen en dat geeft een geweldige kick. Dan rechtsaf, de rivier over, en nog een keer aanzetten voor de finish. Als ik over de streep kom kijk ik gelijk om de fietscomputer. 9uur en 22 minuten. Ik ben super, super tevreden. Ik bel gelijk Helene, en even later mijn moeder. En als ik mijn moeder aan de telefoon heb, vergeet ik helemaal dat het vandaag haar verjaardag is, dus bij deze mam, als nog gefeliciteerd.


En dan is het wachten op Maarten. Van Rene hoor ik hoe ver hij achter mij ligt. Via de SMS service van de organisatie krijgt Rene SMS-jes binnen over ons allebei, elke keer als we onderaan een klim zijn, of boven zijn gekomen. En zodoende weet Rene dat Maarten ruim twee uur achter mij ligt op de top van de Jaufen. Ondertussen is het gezellig bijkletsen met clubgenoten en andere Wielertoeristen. Nagenoeg iedereen is erg tevreden met zijn prestatie. Als ik van Maarten een SMS-je krijg dat hij net de 2km klimmen in de afdaling van de Timmelsjoch heeft gehad, besluit ik hem tegemoet te rijden. Het begint al donker te worden, en ik heb het koud gekregen, dus wat beweging is goed. Een paar kilometer buiten Solden stop ik en wacht ik op Maarten. Man wat was hij blij toen hij mij zag staan., en vooral omdat hij het ging halen. Op de Brenner had hij maar 20 minuten voorsprong op de bezemwagen, dus hij moest goed doorrijden. Samen fietsen we de laatste kilometers en na 12 uur en 42 minuten is ook Maarten binnen. Een geweldige prestatie, vooral omdat hij dit jaar niet in de bergen heeft kunnen trainen. Later blijkt dat hij in de afdalingen meer tijd verloren heeft op mij dan in de beklimmingen, er is dus nog een serieuze verbetering mogelijk voor Maarten. We eten wat in de sporthal, halen het welverdiende ORM finishers shirt op en fietsen dan terug naar ons appartement, waarbij we nog EEN keer een stukje mogen klimmen.








Als we dan eindelijk weg gaan, besluiten we in Solden al te stoppen en nog even op het terras van Marco's Treff te genieten van de zon en de koffie. 

Het was een prachtige tocht, en we hebben beiden ontzettend genoten van de tocht, deze dagen en het mooie Solden.

 

 



© C Y C L O K A L E N D E R (2014 - 2020)